Staatssecretaris Wathelet: Het dossier dat door DGLV aan het parket werd bezorgd bevatte elementen om toe te laten te beoordelen of Tom Waes het toestel bestuurde

Tanguy Veys: Ik heb de indruk dat DGLV zijn job niet uitgevoerd heeft met alle veiligheidsrisico’s voor de mensen en de omwonenden in Oostende

Commissie voor de Infrastructuur, het Verkeer en de Overheidsbedrijven van dinsdag 21 mei 2013

06 Vraag van de heer Tanguy Veys aan de staatssecretaris voor Leefmilieu, Energie en Mobiliteit, toegevoegd aan de minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen, en staatssecretaris voor Staatshervorming, toegevoegd aan de eerste minister, over “de rol van het Directoraat-generaal Luchtvaart tijdens en na de stunt van Tomtesterom” (nr. 17350)

De voorzitter: Ik geef opnieuw het woord aan mijnheer Veys, die blijkbaar nog altijd inspiratie heeft om vragen te stellen over “Tomtesterom”, meer bepaald over de rol het Directoraat-generaal van de Luchtvaart tijdens en na de stunt.
 
06.01  Tanguy Veys (VB): Mevrouw de voorzitter, die inspiratie wordt mij telkenmale bezorgd door de kronkelwegen van Justitie en het Directoraat-generaal van de Luchtvaart. Toeval wil dat men vanavond nog eens in een samenvatting de beelden kan zien van de betrokken uitzending van “Tomtesterom” waarin Tom Waes op 23 mei 2011 met een Boeing 737, met aan boord enkele bv’s, van de luchthaven van Zaventem naar die van Oostende vloog en daarbij zes keer een zogenaamde ‘touch-and-go’ deed, waarbij het vliegtuig heel even de landingsbaan raakt en daarna meteen weer opstijgt. De betrokkene zou van een lacune in de wetgeving hebben gebruik gemaakt. Normaal duurt het 20 maanden vooraleer een piloot met een Boeing 737 mag vliegen, maar volgens de makers van het programma doorliep Waes de opleiding in amper een paar maanden tijd. De vlucht vond plaats op 23 mei 2011, de uitzending vond – iets minder dan een jaar later – op 19 februari 2012 plaats op de VRT.
 
In de commissie voor de Infrastructuur van 27 maart 2012 heeft staatssecretaris voor Mobiliteit Melchior Wathelet het volgende gesteld. “Het Directoraat-generaal van de Luchtvaart (DGLV) kwam louter toevallig vlak vóór de vlucht in kennis van het voornemen met betrekking tot deze vlucht en ontraadde de uitvoering ervan aan Jetairfly.”
 
Pas op 24 mei 2012, net geen jaar nadat de betrokken vlucht heeft plaatsgevonden en het DGLV de vlucht had afgeraden, heeft DGLV klacht ingediend bij het parket van Brussel. In de Commissie voor de Justitie van 17 april 2013 verklaarde Minister Turtelboom het volgende: “Het Brussels parket heeft beslist de dossiers te seponeren, omdat er onvoldoende bewijzen zijn.”
 
Ine Van Wymersch van het parket van Brussel stelt in de pers dat er getwijfeld kan worden aan de echtheid van de beelden. Het parket kan niets doen.
 
Aangezien het toch wel opvallend is dat bij de klacht die het DGLV bij het parket van Brussel heeft ingediend, men er niet in geslaagd is om voldoende elementen te leveren die zouden bewijzen dat Tom Waes met de Boeing 737 heeft gevlogen, of dat de huidige veiligheidssystemen blijkbaar niet in staat zijn om te detecteren wie de stuurknuppel vastheeft, denk ik toch dat zich een paar vragen opdringen.
 
Waarom werd door het DGLV de vlucht op 23 mei met een Boeing 737 enkel afgeraden en niet verboden, als men nadien dan toch klacht indient?
 
Waarom werd pas op 24 april 2012 door het DGLV klacht ingediend bij het parket van Brussel, terwijl het DGLV al op 23 mei van de vlucht op de hoogte was?
 
Welke gegevens werden door het DGLV aan het parket van Brussel bezorgd waaruit kan opgemaakt worden dat Tom Waes op 23 mei 2011 effectief met een Boeing 737 heeft gevlogen? Zaten daar de gegevens van de zwarte doos – of flightdatarecorder – bij?
 
Tot slot, welke maatregelen werden door het DGLV genomen om ervoor te zorgen dat in de toekomst steeds geweten is wie er met een vliegtuig vliegt, dus zodat er geen onduidelijkheid meer bestaat over wie al dan niet de stuurknuppel vastheeft?
 
06.02 Staatssecretaris Melchior Wathelet: Mevrouw de voorzitter, het DGLV kwam slechts enkele dagen voor de uitvoering van de vlucht van deze plannen louter toevallig op de hoogte. Daarbij werden de betrokkenen opgeroepen op het DGLV. Jetairfly deelde toen mee dat de voorbereidingen en de opleiding van de heer Tom Waes al drie maanden liepen, terwijl meteen een uitvoerige juridische situatie aan het DGLV werd overhandigd waaruit moest blijken dat geen toelating van het DGLV moest worden gevraagd.
 
Daarbij ontbrak vanzelfsprekend de nodige tijd om omtrent dit dossier, zowel juridisch als inhoudelijk, een standpunt ten gronde in te nemen. Wel stuurde het DGLV, vóór de uitvoering van de vlucht, een mail aan Jetairfly waarin werd gesteld dat de vlucht, indien toelating zou worden gevraagd, zou worden geweigerd.
 
Het beeldmaterieel van de uitzending was voor het DGLV een essentieel element in de beoordeling van dit dossier. Vandaar dat de uitzending werd afgewacht alvorens enige actie naar het parket te ondernemen.
 
Het dossier dat door de directie Inspectie van het DGLV aan het parket werd bezorgd, bevatte een aantal elementen om het parket toe te laten te beoordelen of de heer Tom Waes het toestel bestuurde. Het parket heeft de vrijheid om desgewenst de nodige informatie op te vragen.
 
Het DGLV had de identiteit van de piloot kunnen vaststellen aan de hand van de inschrijving van de vlucht in het vliegboek van de piloot en door verklaringen van de piloot ten overstaan van de directie Inspectie van het DGLV. Het parket seponeerde blijkbaar de zaak. Het DGLV nam wel de nodige maatregelen.
 
06.03  Tanguy Veys (VB): Mijnheer de staatssecretaris, dat blijft toch een vreemde situatie. Blijkbaar is men achteraf tot de vaststelling gekomen dat de vlucht niet mocht plaatsvinden of dat men die afraadt. Nu wordt het beeldmateriaal afgewacht. Men was toch duidelijk in kennis over de betrokken vlucht? Daarom stel ik vragen over de huidige veiligheidssystemen. Als men morgen wil controleren wie er al dan niet achter de stuurknuppel van een vliegtuig plaatsneemt, moeten telkens de beelden opgevraagd worden van de VRT. Bij de meeste vliegtuigen die van op Zaventem opstijgen, zit geen cameraploeg van de VRT, laat staan dat u daarvan het beeldmateriaal kunt opvragen. Ik vind het onthutsend om vast te stellen dat dit blijkbaar de werkwijze is bij het DGLV.
 
U zegt dat het parket in Brussel over voldoende elementen beschikte om daaruit af te leiden dat Tom Waes wel degelijk gevlogen heeft. Toch wordt dat blijkbaar betwist. Als men bij het parket van Brussel vaststelt dat er onvoldoende materiaal is, dan heeft ofwel het DGLV zijn dossier niet goed voorbereid of onvoldoende materiaal aangeleverd, ofwel valt het niet op te maken. Ik denk dus dat de zwarte piet een beetje te gemakkelijk aan het parket van Brussel doorgespeeld wordt. Ik heb de indruk dat DGLV zijn job niet uitgevoerd heeft.
 
In uw conclusie zegt u dat de nodige maatregelen genomen zijn. Welke maatregelen zijn dat dan? Blijkbaar volstaat de veiligheidsprocedure en er is zelfs geen sprake van de zwarte doos of de flightdatarecorder. Toch denk ik dat die elementen in de toekomst in overweging genomen moeten worden om wel doortastend op te treden. Dat was in het voorliggend dossier duidelijk niet het geval, met alle veiligheidsrisico’s voor de mensen en de omwonenden in Oostende.
 
Het incident is gesloten.
L’incident est clos.

Bestuurslid

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...