Minister Onkelinx niet van plan om euthanasiewetgeving aan te passen na resolutie Raad van Europa dat euthanasie steeds verboden moet zijn

Tanguy Veys: “Huidige wetgeving op vlak van euthanasie en abortus in strijd met absoluut karakter van respect voor menselijk leven”

De parlementaire vergadering van de Raad van Europa heeft op 25 januari ’12 een resolutie aanvaard die bepaalt dat “euthanasie, begrepen als het feit om – actief of door verzuim – opzettelijk een mens te doden, zogezegd voor zijn welzijn – steeds moet verboden zijn”. Met deze resolutie is het voor de eerste keer sinds decennia dat euthanasie zo duidelijk verworpen wordt door een Europese politieke instelling. Deze resolutie is een belangrijke overwinning voor de bescherming van het leven en de waardigheid van de mens, een jaar nadat het Europese Hof bevestigd had dat er geen “recht op euthanasie” bestaat noch op “zelfmoord met bijstand”. Deze resolutie (nr. 1859/2012) draagt al s titel: “Bescherming van de mensenrechten en de menselijke waardigheid en de verlangens van de patiënt die op voorhand kenbaar gemaakt werden”: zij wil de principes omschrijven die de praktijk moet leiden van de “wil” van personen in leven, of van  op voorhand gegeven “richtlijnen”. Deze resolutie is een duidelijke aanwijzing dat een groeiende meerderheid van Europeanen tegen euthanasie gekant is. En zelfs wanneer deze resolutie voor de lidstaten wettelijk niet dwingend is, zou zij wel invloed hebben op wetgevingen en uitspraken, vooral in besluiten van het Europese Gerechtshof.  Bovendien moet deze uitspraak ook gezien worden in het licht van de huidige Belgische abortuswetgeving waaromtrent het Europees Hof van Justitie in een arrest op 18 oktober ’11 duidelijk stelde: “Elke menselijke eicel, zodra deze is bevrucht, elke niet‑bevruchte menselijke eicel waarin de kern van een uitgerijpte menselijke cel is geïmplanteerd en elke niet‑bevruchte menselijke eicel die is gestimuleerd tot deling en ontwikkeling middels parthenogenese, is een menselijk embryo.”

Daarom stelde volksvertegenwoordiger Tanguy Veys (Vlaams Belang) op woensdag 29 februari ’12 in de Commissie voor de Volksgezondheid een mondelinge vraag aan Vice-Eerste Minister en Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Laurette Onkelinx (PS), over deze resolutie van de Raad van Europa. Hij wou weten wat het standpunt van de regering was omtrent deze resolutie en of deze resolutie ook gevolgen zou hebben op de wetgeving en het actuele beleid inzake euthanasie in België.  

In haar antwoord (zie bijlage) stelde Minister Onkelinx dat “ze niet de intentie heeft om de euthanasiewetgeving te wijzigen die het resultaat is van langdurig en doordacht parlementair werk.”

In zijn reactie betreurde volksvertegenwoordiger Veys sterk de houding van Minister Onkelinx “omdat de huidige wetgeving op vlak van euthanasie en abortus het absoluut karakter van het respect voor menselijk leven op ernstige wijze aantasten. Het menselijk leven verdient de meest omzichtige behandeling en de wetgever mag geen blanco cheque aan individuele personen en artsen geven om eigenmachtig te beslissen over leven en dood.”

Commissie voor de Volksgezondheid, het Leefmilieu en de Maatschappelijke Hernieuwing van woensdag 29 februari 2012

14 Vraag van de heer Tanguy Veys aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen, over  “een resolutie van de Raad van Europa inzake euthanasie” (nr. 9540)
 
14.01  Tanguy Veys (VB): Mevrouw de minister, de parlementaire vergadering van de Raad van Europa zou op 25 januari 2012 een resolutie hebben aanvaard die bepaalt “dat euthanasie, begrepen als het feit om actief of door verzuim – opzettelijk een mens te doden, zogezegd voor zijn welzijn, steeds moet verboden zijn”.
 
De resolutie werd op 26 januari 2012 door het Europese Centrum voor Wet en Rechtvaardigheid erkend als “de eerste keer sinds decennia dat euthanasie zo duidelijk verworpen wordt door een Europese politieke instelling”.
 
Het Europese Centrum voor Wet en Rechtvaardigheid stelt dat het om een belangrijke overwinning gaat voor de bescherming van het leven en de waardigheid van de mens, een jaar nadat het Europees Hof heeft bevestigd dat er geen recht op euthanasie bestaat, noch op zelfmoord met bijstand.
 
Volgens de directeur van het Europese Centrum voor Wet en Rechtvaardigheid, de heer Gregor Puppinck, zou een dergelijke resolutie een directe impact moeten hebben op de aanstaande uitspraak van het Europees Hof in de zaak-Koch tegen Duitsland over de verwerping van zelfmoord met bijstand in Duitsland.
 
De resolutie draagt als titel “Bescherming van de mensenrechten en de menselijke waardigheid en de verlangens van de patiënt die op voorhand kenbaar gemaakt werden”. Zij wil de principes omschrijven die de praktijk moet leiden van de wil van personen in leven of van op voorhand gegeven richtlijnen.
 
Opnieuw volgens Puppinck is de resolutie een aanwijzing dat een groeiende meerderheid van Europeanen tegen euthanasie gekant is. Zelfs wanneer de resolutie van de Raad van Europa voor de lidstaten wettelijk niet dwingend zou zijn, zou ze wel invloed hebben op wetgevingen en uitspraken, vooral in besluiten van het Europees Gerechtshof.
 
Mevrouw de minister, in verband met de huidige abortuswetgeving wil ik erop wijzen dat het Europees Gerechtshof in oktober 2011 nog heeft gesteld dat de ontwikkeling van een mens aanvangt vanaf het moment van de bevruchting van een menselijke eicel.
 
Ik verneem graag van u of u op de hoogte bent van die resolutie van de Raad van Europa. Wat is uw houding tegenover de resolutie? In welke mate zal ze volgens u gevolgen hebben voor de huidige wetgeving en het huidig beleid inzake euthanasie in België, in zoverre het uw bevoegdheden betreft? Ik weet dat er ook een gedeelde bevoegdheid met de minister van Justitie is.
 
14.02 Minister Laurette Onkelinx: Ik ben inderdaad op de hoogte van de resolutie van de parlementaire vergadering van de Raad van Europa. Het is belangrijk om te weten dat het niet de bedoeling is van die resolutie om zich uit te spreken over euthanasie of hulp bij zelfdoding, maar dat ze beperkt is tot de kwestie van de voorafgaande wilsverklaringen, de levenstestamenten en de permanente volmachten. De resolutie bindt enkel de parlementaire vergadering van de Raad van Europa.
 
Wat de situatie in België betreft, heb ik niet de intentie de euthanasiewetgeving, die het resultaat is van langdurig en doordacht parlementair werk, te wijzigen.
 
14.03  Tanguy Veys (VB): Mevrouw de minister, ik dank u voor uw antwoord, maar ik betreur uw interpretatie van die resolutie. Ik citeer: “Euthanasie, begrepen als het feit om actief of door verzuim opzettelijk een mens te doden, zogezegd voor zijn welzijn, moet steeds verboden zijn”. Als u dat interpreteert alsof het enkel over formele aspecten gaat, zoals nalatenschappen, dan verstopt u zich een beetje te gemakkelijk. Ik weet natuurlijk dat dat in het debat en de besprekingen een van de bekommernissen of motieven is geweest, maar wij kunnen toch niet heen om wat in die resolutie staat.
 
Ik neem er alvast akte van dat u niet van plan bent om daaraan gevolg te geven voor het bestaande wetgevende pakket. Dat zal er ons echter niet van weerhouden om regelmatig daarop terug te komen.
 
L’incident est clos.
Het incident is gesloten.

Bijlage 1

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...